Wat zegt de Bijbel over roddel?
Belangrijke Schriftgedeelten en geestelijke begeleiding over roddel
De Bijbel behandelt roddels op verschillende plaatsen en waarschuwt ons tegen het verspreiden van kwaadsprekerij en geruchten. Roddelen kan anderen schaden en verdeeldheid zaaien, wat in strijd is met de liefdevolle en respectvolle manier waarop we volgens de Bijbel met elkaar zouden moeten omgaan. In plaats daarvan worden we aangemoedigd om woorden van opbouw en bemoediging te spreken en om roddels en laster te vermijden.
Bijbelverzen over roddel
Spreuken 16:28SVV
“Een verkeerd man zal krakeel inwerpen; en een oorblazer scheidt den voornaamsten vriend.”
Spreuken 11:13SVV
“Die als een achterklapper wandelt, openbaart het heimelijke; maar die getrouw is van geest, bedekt de zaak.”
Spreuken 20:19SVV
“Die als een achterklapper wandelt, openbaart het heimelijke; vermeng u dan niet met hem, die met zijn lippen verlokt.”
Jakobus 4:11SVV
“Broeders, spreekt niet kwalijk van elkander. Die van zijn broeder kwalijk spreekt en zijn broeder oordeelt, die spreekt kwalijk van de wet, en oordeelt de wet. Indien gij nu de wet oordeelt, zo zijt gij geen dader der wet, maar een rechter.”
Leviticus 19:16SVV
“Gij zult niet wandelen als een achterklapper onder uw volken; gij zult niet staan tegen het bloed van uw naaste; Ik ben de HEERE!”
Spreuken 26:20SVV
“Als er geen hout is, gaat het vuur uit; en als er geen oorblazer is, wordt het gekijf gestild.”
Efeziërs 4:29SVV
“Geen vuile rede ga uit uw mond, maar zo er enige goede rede is tot nuttige stichting, opdat zij genade geve dien, die dezelve horen.”