BiblePics LogoBiblePics LogoBiblePics
  • Lezen
  • Ontmoet
  • Chat
  • Bekijk
  • Vind
  • Bidden
  • Winkel
DownloadenToevoegen aan Chrome
Home
Lezen
Ontmoet
Chat
Bekijk
Prayer
BiblePics LogoBiblePics Logo

Experience the Bible through AI-generated art and conversations with biblical figures.

Explore

Read the BibleBiblical FiguresAI ChatAboutContact

Connect

hello@biblepics.co

Blijf op de hoogte

Ontvang de nieuwste verzen, nieuwe functies en inspiratie in je inbox.

© 2023 – 2026 BiblePics. All rights reserved.

Privacy PolicyImage License
  1. Home
  2. Bijbelboeken
  3. 3 Johannes
  4. 1
3 Johannes 1
3 Johannes 1

3 Johannes 1

Aanmoediging en Gastvrijheid

Dit hoofdstuk is een brief van de auteur aan een specifiek persoon, Gaius, waarin hij hem aanmoedigt in zijn geloof en hem prijst voor zijn gastvrijheid. De auteur spreekt ook over de daden van een man genaamd Diotrefes, die heeft geweigerd om de auteur en andere reizende leraren welkom te heten en valse leerstellingen verspreidt.
1De ouderling aan den geliefden Gajus, welken ik in waarheid liefheb.
2Geliefde, voor alle dingen wens ik, dat gij welvaart en gezond zijt, gelijk uw ziel welvaart.
3Want ik ben zeer verblijd geweest, als de broeders kwamen, en getuigden van uw waarheid, gelijk gij in de waarheid wandelt.
4Ik heb geen meerdere blijdschap dan hierin, dat ik hoor, dat mijn kinderen in de waarheid wandelen.
5Geliefde, gij doet trouwelijk, in al hetgeen gij doet aan de broederen en aan de vreemdelingen,
6Die getuigd hebben van uw liefde, in de tegenwoordigheid der Gemeente; welken indien gij geleide doet, gelijk het Gode waardig is, zo zult gij weldoen.
7Want zij zijn voor Zijn Naam uitgegaan, niets nemende van de heidenen.
8Wij dan zijn schuldig de zodanigen te ontvangen, opdat wij medearbeiders mogen worden der waarheid.
9Ik heb aan de Gemeente geschreven; maar Diotrefes, die onder hen zoekt de eerste te zijn, neemt ons niet aan.
10Daarom, indien ik kom, zo zal ik in gedachtenis brengen zijn werken, die hij doet, met boze woorden snaterende tegen ons; en hiermede niet vergenoegd zijnde, zo ontvangt hij zelf de broeders niet, en verhindert degenen, die het willen doen, en werpt ze uit de Gemeente.
11Geliefde, volgt het kwade niet na, maar het goede. Die goed doet, is uit God; maar die kwaad doet, heeft God niet gezien.
12Aan Demetrius wordt getuigenis gegeven van allen, en van de waarheid zelve; en wij getuigen ook, en gij weet, dat onze getuigenis waarachtig is.
13Ik had veel te schrijven, maar ik wil u niet schrijven met inkt en pen;
14Maar ik hoop u haast te zien, en wij zullen mond tot mond spreken. [ (III John 1:15) Vrede zij u. De vrienden groeten u. Groet de vrienden met name. ]
Divider

Veelgestelde Vragen

Veelgestelde vragen over dit hoofdstuk

Suggest a feature

Have an idea to make BiblePics better? We'd love to hear it.