Genesis 44:29
“Indien gij nu deze ook van mijn aangezicht wegneemt, en hem een verderf ontmoette, zo zoudt gij mijn grauwe haren met jammer ten grave doen nederdalen!”
Context: Genesis 44
27Toen zeide uw knecht, mijn vader, tot ons: Gijlieden weet, dat mijn huisvrouw er mij twee gebaard heeft.
28En de een is van mij uitgegaan, en ik heb gezegd: Voorwaar, hij is gewisselijk verscheurd geworden! en ik heb hem niet gezien tot nu toe.
29Indien gij nu deze ook van mijn aangezicht wegneemt, en hem een verderf ontmoette, zo zoudt gij mijn grauwe haren met jammer ten grave doen nederdalen!
30Nu dan, als ik tot uw knecht, mijn vader, kome, en de jongeling is niet bij ons (alzo zijn ziel aan de ziel van deze gebonden is),
31Zo zal het geschieden, als hij ziet, dat de jongeling er niet is, dat hij sterven zal; en uw knechten zullen de grauwe haren van uw knecht, onzen vader, met droefenis ten grave doen nederdalen.
Over Genesis 44: Jozefs zilveren beker gevonden in Benjamins zak

Samenvatting: Jozefs broers zijn bang dat hij wraak zal nemen omdat ze hem verkochten als slaaf en smeken om genade.
Commentaar
Genesis 44 is een hoofdstuk dat zich richt op het verhaal van Jozefs broers en hun reis naar Egypte. Het begint met Jozefs broers die terugkeren naar Egypte om meer graan te kopen, en Jozef die hen test door zijn zilveren beker in de zak van Benjamin te plaatsen. Wanneer de broers beschuldigd worden van diefstal van de beker, pleiten ze hun onschuld en bieden ze zich aan als slaven in ruil voor de vrijheid van Benjamin. Dan treedt Juda naar voren en biedt zichzelf aan in plaats van Benjamin, en Jozef onthult zichzelf aan zijn broers.
Het hoofdstuk is een krachtig voorbeeld van de kracht van vergeving en verzoening. Jozefs broers hadden hem jaren eerder verraden door hem als slaaf te verkopen, toch is Jozef bereid om hen te vergeven en genade te tonen. Juda's onbaatzuchtige daad om zichzelf aan te bieden in plaats van Benjamin is een getuigenis van de kracht van liefde en loyaliteit.