2 Korintiërs 8:6
“Alzo dat wij Titus vermaanden, dat, gelijk hij te voren begonnen had, hij ook alzo nog deze gave bij u voleinden zou.”
Context: 2 Korintiërs 8
4Ons met vele vermaning biddende, dat wij wilden aannemen de gave en de gemeenschap dezer bediening, die voor de heiligen geschiedt.
5En zij deden niet alleen, gelijk wij gehoopt hadden, maar gaven zichzelven eerst aan den Heere en daarna aan ons, door den wil van God.
6Alzo dat wij Titus vermaanden, dat, gelijk hij te voren begonnen had, hij ook alzo nog deze gave bij u voleinden zou.
7Zo dan, gelijk gij in alles overvloedig zijt, in geloof, en in woord, en in kennis, en in alle naarstigheid, en in uw liefde tot ons, ziet, dat gij ook in deze gave overvloedig zijt.
8Ik zeg dit niet als gebiedende, maar als door de naarstigheid van anderen ook de oprechtheid uwer liefde beproevende.
Over 2 Korintiërs 8: De Collecte voor de Heiligen

Paulus spoort de Korintiërs aan om ruimhartig te geven aan de collecte voor de arme heiligen in Jeruzalem.
Commentaar
In 2 Korinthiërs 8 spoort Paulus de Korinthiërs aan om royaal te geven aan de collecte voor de heiligen in Jeruzalem. Hij begint door hen te herinneren aan het voorbeeld van de Macedonische kerken, die ondanks hun armoede royaal gaven. Vervolgens moedigt hij de Korinthiërs aan uit te blinken in de genade van het geven, zoals ze hebben uitgeblonken in andere gebieden van geestelijke groei. Hij herinnert hen er ook aan dat hun gave met vreugde en vrijwillig gegeven moet worden, niet uit verplichting.
Paulus legt vervolgens uit waarom geven belangrijk is. Hij legt uit dat het een manier is om hun liefde voor God en anderen te bewijzen. Hij legt ook uit dat het een manier is om hun gehoorzaamheid aan Gods geboden te tonen. Hij herinnert hen er ook aan dat hun gave moet worden gedaan in verhouding tot hun inkomen, zodat iedereen naar vermogen kan geven.