Ezra 2:64
“Deze ganse gemeente te zamen was twee en veertig duizend driehonderd en zestig.”
Context: Ezra 2
62Dezen zochten hun register, onder degenen, die in het geslachtsregister gesteld waren, maar zij werden niet gevonden; daarom werden zij als onreinen van het priesterdom geweerd.
63En Hattirsatha zeide tot hen, dat zij van de heiligste dingen niet zouden eten, totdat er een priester stond met urim en met thummim.
64Deze ganse gemeente te zamen was twee en veertig duizend driehonderd en zestig.
65Behalve hun knechten en hun maagden, die waren zeven duizend driehonderd zeven en dertig; en zij hadden tweehonderd zangers en zangeressen.
66Hun paarden waren zevenhonderd zes en dertig; hun muildieren, tweehonderd vijf en veertig;
Over Ezra 2: Terugkeer van de ballingen naar Jeruzalem

De lijst van de ballingen die onder leiding van Ezra terugkeerden naar Jeruzalem.
Commentaar
Ezra 2 is een hoofdstuk dat de terugkeer van de Israëlieten uit ballingschap in Babylon naar het land Juda vastlegt. Dit hoofdstuk is een voortzetting van het verhaal uit het vorige hoofdstuk, dat het decreet van Cyrus, de koning van Perzië, vastlegt, waarbij de Israëlieten toestemming kregen om terug te keren naar hun thuisland.
In dit hoofdstuk zien we een lijst van de mensen die naar Juda terugkeerden. Deze lijst is verdeeld in twee delen: het eerste deel is een lijst van de leiders van het volk, en het tweede deel is een lijst van de mensen zelf. Deze lijst is belangrijk omdat het de omvang van de groep die naar Juda terugkeerde toont, en het laat ook de diversiteit van de terugkerende mensen zien.