Ezra 4:10

“En de overige volkeren, die de grote en vermaarde Asnappar heeft vervoerd, en doen wonen in de stad van Samaria, ook de overigen, aan deze zijde der rivier, en op zulken tijd.”
— Ezra 4:10 (The Statenvertaling Bible)

Context: Ezra 4

8Rehum, de kanselier, en Simsai, de schrijver, schreven een brief tegen Jeruzalem, aan den koning Arthahsasta, op deze manier:

9Toen Rehum, de kanselier, en Simsai, de schrijver, en de overigen van hun gezelschap, de Dinaieten, de Afarsathchieten, de Tarpelieten, de Afarsieten, de Archevieten, de Babyloniers, de Susanchieten, de Dehavieten, de Elamieten,

10En de overige volkeren, die de grote en vermaarde Asnappar heeft vervoerd, en doen wonen in de stad van Samaria, ook de overigen, aan deze zijde der rivier, en op zulken tijd.

11Dit is een afschrift des briefs, dien zij aan hem, aan den koning Arthahsasta, zonden: Uw knechten, de mannen aan deze zijde der rivier, en op zulken tijd.

12Den koning zij bekend, dat de Joden, die van u zijn opgetogen, tot ons gekomen zijn te Jeruzalem, bouwende die rebelle en die boze stad, waarvan zij de muren voltrekken, en de fondamenten samenvoegen.

Over Ezra 4: Verzet tegen de wederopbouw

Ezra 4: Verzet tegen de wederopbouw

Tegenstand tegen de wederopbouw van de tempel door de naburige volkeren, inclusief het schrijven van een brief aan koning Artaxerxes.

Commentaar

Ezra 4 is een hoofdstuk dat spreekt over de tegenstand waarmee de Israëlieten te maken kregen toen ze probeerden de tempel in Jeruzalem te herbouwen. Het hoofdstuk begint met een lijst van de vijanden van de Israëlieten die probeerden hen te ontmoedigen en te weerhouden van de herbouw van de tempel. Deze vijanden omvatten het volk van het land, de Samaritanen, en de Ammonieten en Arabieren. De vijanden van de Israëlieten probeerden hun plannen te dwarsbomen door adviseurs in te huren om hen tegen te werken en door brieven te schrijven naar de Perzische koning, Artaxerxes, om het werk te stoppen.

Het hoofdstuk beschrijft vervolgens hoe de vijanden van de Israëlieten succesvol waren in hun inspanningen. Het werk aan de tempel werd stilgelegd voor een periode van zestien jaar. Gedurende deze tijd bleven de vijanden van de Israëlieten hen dwarsbomen en proberen te voorkomen dat ze de tempel herbouwden.

Personen in Ezra 4