Genesis 2:15

“Zo nam de HEERE God den mens, en zette hem in den hof van Eden, om dien te bouwen, en dien te bewaren.”
— Genesis 2:15 (The Statenvertaling Bible)

Context: Genesis 2

13En de naam der tweede rivier is Gihon; deze is het, die het ganse land Cusch omloopt.

14En de naam der derde rivier is Hiddekel; deze is gaande naar het oosten van Assur. En de vierde rivier is Frath.

15Zo nam de HEERE God den mens, en zette hem in den hof van Eden, om dien te bouwen, en dien te bewaren.

16En de HEERE God gebood den mens, zeggende: Van allen boom dezes hofs zult gij vrijelijk eten;

17Maar van den boom der kennis des goeds en des kwaads, daarvan zult gij niet eten; want ten dage, als gij daarvan eet, zult gij den dood sterven.

Over Genesis 2: Scheiding van Licht en Duisternis

Genesis 2: Scheiding van Licht en Duisternis

God schept man en vrouw en plaatst hen in een prachtige tuin genaamd Eden. Hij vertelt hun dat ze van elke boom in de tuin mogen eten, behalve van één boom. Ze mochten niet van die boom eten.

Commentaar

Commentaar: Genesis hoofdstuk 2 is het tweede hoofdstuk van het boek Genesis in de Bijbel. Het is het tweede van de vijf boeken van de Thora, en het is het eerste boek van het Oude Testament van de Bijbel. In dit hoofdstuk schept God de wereld en al zijn bewoners.

Het hoofdstuk begint met God die rust op de zevende dag nadat Hij de wereld heeft geschapen. Hij schept dan de mens uit het stof van de aarde en blaast leven in hem. God plaatst de mens vervolgens in de Tuin van Eden en geeft hem instructies om voor de tuin te zorgen en niet te eten van de Boom van Kennis van Goed en Kwaad.

Personen in Genesis 2