Marcus 10:18
“En Jezus zeide tot hem: Wat noemt gij Mij goed? Niemand is goed, dan Een, namelijk God.”
Context: Marcus 10
16En Hij omving ze met Zijn armen, en de handen op hen gelegd hebbende, zegende Hij dezelve.
17En als Hij uitging op den weg, liep een tot Hem, en voor Hem op de knieen vallende, vraagde Hem: Goede Meester! wat zal ik doen, opdat ik het eeuwige leven beerve?
18En Jezus zeide tot hem: Wat noemt gij Mij goed? Niemand is goed, dan Een, namelijk God.
19Gij weet de geboden: Gij zult geen overspel doen; gij zult niet doden; gij zult niet stelen; gij zult geen valse getuigenis geven; gij zult niemand te kort doen; eer uw vader en uw moeder.
20Doch hij, antwoordende, zeide tot Hem: Meester! al deze dingen heb ik onderhouden van mijn jonkheid af.
Over Marcus 10: Onderwijs over echtscheiding, zegen kinderen

Jezus onderwijst over het huwelijk, echtscheiding en het koninkrijk van God.
Commentaar
Markus 10 is een hoofdstuk dat zich richt op Jezus' onderwijs over huwelijk, echtscheiding en kinderen. Jezus begint met het beantwoorden van de vraag van de Farizeeën over echtscheiding, en Hij maakt duidelijk dat echtscheiding niet het ideaal van God is. Vervolgens legt Hij uit dat het huwelijk een heilige verbintenis is tussen een man en een vrouw, en dat het niet verbroken mag worden. Jezus benadrukt ook het belang van kinderen en moedigt Zijn volgelingen aan om hen te verwelkomen en met respect te behandelen.
Het hoofdstuk eindigt met Jezus' bekende woorden over de moeilijkheid om het koninkrijk van God binnen te gaan. Hij legt uit dat het makkelijker is voor een kameel om door het oog van een naald te gaan dan voor een rijke man om het koninkrijk van God binnen te gaan. Dit is een krachtige herinnering aan het belang van nederigheid en het vertrouwen op Gods genade.