Marcus 13:30

“Voorwaar, Ik zeg u, dat dit geslacht niet zal voorbijgaan, totdat al deze dingen zullen geschied zijn.”
— Marcus 13:30 (The Statenvertaling Bible)

Context: Marcus 13

28En leert van den vijgeboom deze gelijkenis; wanneer nu zijn tak teder wordt, en de bladeren uitspruiten, zo weet gij, dat de zomer nabij is.

29Alzo ook gij, wanneer gij deze dingen zult zien geschieden, zo weet, dat het nabij, voor de deur is.

30Voorwaar, Ik zeg u, dat dit geslacht niet zal voorbijgaan, totdat al deze dingen zullen geschied zijn.

31De hemel en de aarde zullen voorbijgaan; maar Mijn woorden zullen geenszins voorbijgaan.

32Maar van dien dag en die ure weet niemand, noch de engelen, die in de hemel zijn, noch de Zoon, dan de Vader.

Over Marcus 13: Tekenen van het einde der tijden

Marcus 13: Tekenen van het einde der tijden

Jezus voorspelt de vernietiging van de tempel en het einde van de wereld.

Commentaar

Markus 13 is een hoofdstuk dat spreekt over het einde der tijden en de komst van de Mensenzoon. Jezus spreekt tot zijn discipelen over de tekenen die zijn terugkeer zullen aankondigen. Hij waarschuwt hen voor valse profeten, oorlogen en natuurrampen die zullen plaatsvinden voor zijn wederkomst. Hij vertelt hun ook dat ze zullen worden vervolgd en zelfs gedood vanwege hun geloof. Jezus spoort hen aan standvastig te blijven en niet bang te zijn. Hij belooft dat hij zal terugkeren en dat zij die volharden tot het einde, gered zullen worden.

Dit hoofdstuk herinnert ons eraan dat Jezus zal terugkeren en dat we voorbereid moeten zijn op zijn komst. We moeten niet bang zijn voor de beproevingen en tegenslagen die ons pad zullen kruisen, maar eerder trouw blijven en vertrouwen op Gods beloften. We moeten ook op onze hoede zijn voor valse profeten en voorzichtig zijn met degenen die beweren namens God te spreken. We moeten ook klaarstaan om standvastig te blijven in ons geloof en bereid zijn om te lijden omwille van het evangelie. Tenslotte moeten we uitkijken naar de dag waarop Jezus terugkomt en wij voor altijd met Hem zullen zijn.

Personen in Marcus 13