Micha 3:1
“Voorts zeide ik: Hoort nu, gij hoofden Jakobs, en gij oversten van het huis Israels! Betaamt het ulieden niet het recht te weten?”
Context: Micha 3
1Voorts zeide ik: Hoort nu, gij hoofden Jakobs, en gij oversten van het huis Israels! Betaamt het ulieden niet het recht te weten?
2Zij haten het goede, en hebben het kwade lief; zij roven hun huid van hen af, en hun vlees van hun beenderen.
3Ja, zij zijn het, die het vlees mijns volks eten, en hun huid afstropen, en hun beenderen verbreken; en vaneen leggen, gelijk als in een pot, en als vlees in het midden eens ketels.
Over Micha 3: Leiders Die Onwaarheid Spreken

Micha beschuldigt de leiders van Israël en Juda van het spreken van leugens, profeteren voor geld, en het volk op dwaalsporen brengen.
Commentaar
Default commentary text