BiblePics LogoBiblePics LogoBiblePics
  • Lezen
  • Ontmoet
  • Chat
  • Bekijk
  • Vind
  • Winkel
DownloadenToevoegen aan Chrome
Home
Lezen
Ontmoet
Chat
Bekijk
Prayer
BiblePics LogoBiblePics Logo

Experience the Bible through AI-generated art and conversations with biblical figures.

Explore

Read the BibleBiblical FiguresAI ChatAboutContact

Connect

hello@biblepics.co

footer.newsletter.title

footer.newsletter.description

© 2023 – 2026 BiblePics. All rights reserved.

Privacy PolicyImage License
  1. Home
  2. Bijbelboeken
  3. Psalmen
  4. 28
Psalmen 28
Psalmen 28

Psalmen 28

Een Schreeuw om Hulp en Vertrouwen in Gods Bescherming

In Psalm 28 roept David tot God om hulp en bescherming tegen zijn vijanden. Hij erkent God als zijn rots en toevlucht, en vraagt Hem om degenen te straffen die kwaad doen. David's uiteindelijke vertrouwen ligt in Gods kracht, liefde en trouw.
1Een psalm van David. Tot U roep ik, HEERE! mijn Rotssteen, houd U niet als doof van mij af; opdat ik niet, zo Gij U van mij stil houdt, vergeleken worde met degenen, die in den kuil nederdalen.
2Hoor de stem mijner smekingen, als ik tot U roep, als ik mijn handen ophef naar de aanspraakplaats Uwer heiligheid.
3Trek mij niet weg met de goddelozen, en met de werkers der ongerechtigheid, die van vrede spreken met hun naasten, maar kwaad is in hun hart.
4Geef hun naar hun doen, en naar de boosheid hunner handelingen; geef hun naar hunner handen werk; doe hun vergelding tot hen wederkeren.
5Omdat zij niet letten op de daden des HEEREN, noch op het werk Zijner handen, zo zal Hij hen afbreken en zal hen niet bouwen.
6Geloofd zij de HEERE, want Hij heeft de stem mijner smekingen gehoord.
7De HEERE is mijn Sterkte en mijn Schild; op Hem heeft mijn hart vertrouwd, en ik ben geholpen; dies springt mijn hart van vreugde, en ik zal Hem met mijn gezang loven.
8De HEERE is hunlieder Sterkte, en Hij is de Sterkheid der verlossingen Zijns Gezalfden.
9Verlos Uw volk, en zegen Uw erve, en weid hen, en verhef hen tot in eeuwigheid.
Divider

Veelgestelde Vragen

Veelgestelde vragen over dit hoofdstuk