Uittocht 37:17
“Hij maakte ook een kandelaar van louter goud. Van dicht werk maakte hij deze kandelaar, zijn schacht, en zijn rieten; zijn schaaltjes, zijn knopen, en zijn bloemen waren uit hem.”
Context: Uittocht 37
15Hij maakte ook de handbomen van sittimhout; en hij overtrok ze met goud, om de tafel te dragen.
16En hij maakte het gereedschap, dat op de tafel zijn zoude, haar schotelen, en haar reukschalen, en haar kroezen, en haar platelen (met welke ze bedekt zoude worden), van louter goud.
17Hij maakte ook een kandelaar van louter goud. Van dicht werk maakte hij deze kandelaar, zijn schacht, en zijn rieten; zijn schaaltjes, zijn knopen, en zijn bloemen waren uit hem.
18Zes rieten nu gingen uit zijn zijden; drie rieten des kandelaars uit zijn ene zijde, en drie rieten des kandelaars uit zijn andere zijde.
19In het ene riet waren drie schaaltjes, gelijk amandelnoten, een knoop en een bloem; en drie schaaltjes, gelijk amandelnoten in een ander riet, een knoop en een bloem; alzo waren die zes rieten, die uit den kandelaar gingen.
Over Uittocht 37: De Ark van het Verbond

Samenvatting: De Ark van het Verbond, de Tafel voor de Toonbroden en de Kandelaar worden gebouwd.
Commentaar
Exodus 37 is het verslag van de bouw van de Ark des Verbonds, een heilig object dat het middelpunt van de Tabernakel zou worden. Dit hoofdstuk begint met een beschrijving van de Ark, die gemaakt was van acaciahout en bedekt was met goud. Het moest twee en een half cubit lang, anderhalf cubit breed en anderhalf cubit hoog zijn. Het moest een deksel hebben van puur goud, en twee cherubim van goud moesten op het deksel geplaatst worden.
Vervolgens beschrijft het hoofdstuk de andere voorwerpen die in de Ark moesten worden geplaatst, waaronder de tafelen van de Tien Geboden, een kruik met manna en Aärons staf. Al deze voorwerpen moesten in de Ark bewaard worden als herinnering aan Gods verbond met de Israëlieten.