Ezechiël 10:22
“En aangaande de gelijkenis van hun aangezichten, het waren dezelfde aangezichten, die ik gezien had bij de rivier Chebar, hun gedaanten en zij zelven; zij gingen ieder recht uit voor zijn aangezicht henen.”
Context: Ezechiël 10
20Dit is het dier, dat ik zag onder den Gods Israels bij de rivier Chebar; en ik bemerkte, dat het cherubs waren.
21Elkeen had vier aangezichten, en elkeen had vier vleugelen; en de gelijkenis van mensenhanden was onder hun vleugelen.
22En aangaande de gelijkenis van hun aangezichten, het waren dezelfde aangezichten, die ik gezien had bij de rivier Chebar, hun gedaanten en zij zelven; zij gingen ieder recht uit voor zijn aangezicht henen.
Over Ezechiël 10: Het Vertrek van Gods Glorie

In Ezechiël hoofdstuk 10 ziet de profeet een visioen van Gods glorie die de tempel in Jeruzalem verlaat. Deze vertrek wordt vergezeld door de manifestatie van cherubs en de brandende kolen van oordeel. Ondanks hun rol als beschermers van de tempel, kunnen zelfs de cherubs niet voorkomen dat de glorie van God vertrekt van een verdorven en onberouwvolk.
Commentaar
Default commentary text