Ezechiël 13:2
“Mensenkind, profeteer tegen de profeten Israels, die profeteren, en zeg tot degenen, die uit hun hart profeteren: Hoort des HEEREN woord.”
Context: Ezechiël 13
1En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:
2Mensenkind, profeteer tegen de profeten Israels, die profeteren, en zeg tot degenen, die uit hun hart profeteren: Hoort des HEEREN woord.
3Zo zegt de Heere HEERE: Wee over die dwaze profeten, die hun geest nawandelen, en hetgeen zij niet gezien hebben!
4Uw profeten, o Israel, zijn als vossen in de woeste plaatsen.
Over Ezechiël 13: Valse profeten en hun ondergang voorspeld

In Ezechiël hoofdstuk 13 spreekt de Heer door de profeet Ezechiël, waarbij Hij de valse profeten veroordeelt die het volk bedriegen met boodschappen van vrede wanneer er geen vrede is. Deze profeten liegen om hun eigen populariteit en financieel gewin te vergroten. De Heer verklaart dat Hij oordeel over hen en hun valse profetieën zal brengen, en hen zal ontmaskeren voor wat ze werkelijk zijn.
Commentaar
Default commentary text