Ezechiël 47:23
“Ook zal het geschieden, in den stam, bij welken de vreemdeling verkeert, aldaar zult gij hem zijn erfenis geven, spreekt de Heere HEERE.”
Context: Ezechiël 47
21Ditzelve land nu zult gij ulieden uitdelen naar de stammen Israels.
22Maar het zal geschieden, dat gij hetzelve zult doen vallen in erfenis voor ulieden, en voor de vreemdelingen, die in het midden van u verkeren, die kinderen in het midden van u zullen gewonnen hebben; en zij zullen ulieden zijn, als een inboorling onder de kinderen Israels; zij zullen met ulieden in erfenis vallen, in het midden der stammen Israels.
23Ook zal het geschieden, in den stam, bij welken de vreemdeling verkeert, aldaar zult gij hem zijn erfenis geven, spreekt de Heere HEERE.
Over Ezechiël 47: De Visie van de Tempelrivier

In hoofdstuk 47 van Ezechiël heeft de profeet een visioen van een tempelrivier die stroomt vanuit het heiligdom van de tempel. Naarmate het water stijgt, brengt het leven en genezing in de dorre wildernis, en vissers kunnen vele vissen vangen in de rivier.
Commentaar
Default commentary text