Ezra 5:15
“En hij zeide tot hem: Neem deze vaten, ga ze afvoeren in den tempel, die te Jeruzalem is, en laat het huis Gods gebouwd worden op zijn plaats.”
Context: Ezra 5
13Doch in het eerste jaar van Kores, koning van Babel, heeft de koning Kores bevel gegeven dit huis Gods te bouwen.
14Ja, de vaten van Gods huis, welke van goud en zilver waren, die Nebukadnezar uit den tempel, die te Jeruzalem was, had weggenomen en dezelve gebracht in den tempel van Babel, die heeft de koning Kores uitgehaald uit den tempel van Babel, en zij zijn gegeven aan een, wiens naam was Sesbazar, dien hij tot een landvoogd had gesteld.
15En hij zeide tot hem: Neem deze vaten, ga ze afvoeren in den tempel, die te Jeruzalem is, en laat het huis Gods gebouwd worden op zijn plaats.
16Toen kwam dezelve Sesbazar; hij legde de fondamenten van het huis Gods, Die te Jeruzalem woont; en er is van toen af tot nu toe gebouwd, doch niet volbracht.
17Zo het dan nu den koning goeddunkt, laat er gezocht worden in het schathuis des konings aldaar, dat te Babel is, of het zij, dat een bevel van den koning Kores gegeven zij, om dit huis Gods te Jeruzalem te bouwen; en dat men des konings believen hiervan tot ons zende.
Over Ezra 5: Het Heropbouwen Gaat Door

Het herbouwen van de tempel gaat verder onder leiding van Ezra en met de steun van de profeten Haggai en Zacharia.
Commentaar
Ezra 5 is een cruciaal hoofdstuk in het boek Ezra, omdat het het begin markeert van de wederopbouw van de tempel in Jeruzalem. Het hoofdstuk begint met de profeet Haggaï en de priester Zacharia die het volk Israël aanmoedigen om het wederopbouwproces te starten. Ze herinneren het volk aan de belofte van de Heer om de tempel en de stad Jeruzalem te herstellen, en sporen hen aan om in actie te komen.
Het volk van Israël stuurt vervolgens een brief naar koning Darius van Perzië, waarin ze toestemming vragen om de tempel te herbouwen. Darius stemt in met hun verzoek en stuurt een steunbetuiging, samen met een decreet dat het volk van Israël moet worden toegestaan om de tempel te herbouwen zonder enige inmenging.