Genesis 43:27

“En hij vraagde hun naar hun welstand, en zeide: Is het wel met uw vader, den oude, waarvan gij zeidet? Leeft hij nog?”
— Genesis 43:27 (The Statenvertaling Bible)

Context: Genesis 43

25En zij bereidden het geschenk, totdat Jozef kwam op den middag; want zij hadden gehoord, dat zij aldaar brood eten zouden.

26Als nu Jozef te huis gekomen was, zo brachten zij hem het geschenk, hetwelk in hun hand was, in het huis, en zij bogen zich voor hem ter aarde.

27En hij vraagde hun naar hun welstand, en zeide: Is het wel met uw vader, den oude, waarvan gij zeidet? Leeft hij nog?

28En zij zeiden: Het is wel met uw knecht, onzen vader, hij leeft nog; en zij neigden het hoofd en bogen zich neder.

29En hij hief zijn ogen op, en zag Benjamin, zijn broeder, den zoon zijner moeder, en zeide: Is dit uw kleinste broeder, waarvan gij tot mij zeidet? Daarna zeide hij: Mijn zoon! God zij u genadig!

Over Genesis 43: De broers van Jozef keren terug naar Egypte met Benjamin

Genesis 43: De broers van Jozef keren terug naar Egypte met Benjamin

De broers keren terug naar Egypte met Benjamin, de broer van Jozef, en Jozef maakt zich bekend aan hen.

Commentaar

Genesis 43 is een hoofdstuk dat focust op de hereniging van Jozef en zijn broers. Nadat Jozef zijn identiteit aan zijn broers onthult, worden ze vervuld met angst en schuldgevoel voor de manier waarop ze hem in het verleden hebben behandeld. Jozef daarentegen is vervuld van mededogen en genade, en hij stelt hen gerust dat hij geen wrok koestert naar hen toe. Hij nodigt hen zelfs uit om bij hem in Egypte te verblijven en voorziet hen van voedsel en proviand.

Het hoofdstuk is een krachtige herinnering aan de kracht van vergeving en genade. Jozefs bereidheid om zijn broers ondanks hun eerdere fouten te vergeven is een getuigenis van zijn karakter en geloof. Het dient ook als een herinnering dat God een God van genade en genade is, en dat Hij bereid is ons te vergeven wanneer we berouw tonen en ons tot Hem wenden.

Personen in Genesis 43