Judas 1:9
“Maar Michael, de archangel, toen hij met den duivel twistte, en handelde van het lichaam van Mozes, durfde geen oordeel van lastering tegen hem voortbrengen, maar zeide: De Heere bestraffe u!”
Context: Judas 1
7Gelijk Sodoma en Gomorra, en de steden rondom dezelve, die op gelijke wijze als deze gehoereerd hebben, en ander vlees zijn nagegaan, tot een voorbeeld voorgesteld zijn, dragende de straf des eeuwigen vuurs.
8Desgelijks evenwel ook dezen, in slaap gebracht zijnde, verontreinigen het vlees, en verwerpen de heerschappij, en lasteren de heerlijkheden.
9Maar Michael, de archangel, toen hij met den duivel twistte, en handelde van het lichaam van Mozes, durfde geen oordeel van lastering tegen hem voortbrengen, maar zeide: De Heere bestraffe u!
10Maar dezen, hetgeen zij niet weten, dat lasteren zij; en hetgeen zij natuurlijk, als de onredelijke dieren, weten, in hetzelve verderven zij zich.
11Wee hun, want zij zijn de weg van Kain ingegaan, en door de verleiding van het loon van Balaam zijn zij henengestort, en zijn door de tegenspreking van Korach vergaan.
Over Judas 1: Strijdend voor het Geloof

Dit hoofdstuk benadrukt het belang van strijden voor het geloof, waarschuwt tegen valse leraren die de gemeenschap van gelovigen zijn binnengedrongen. De auteur herinnert de lezers aan de voorbeelden van geloof en oordeel in het verleden en spoort hen aan om standvastig te blijven in hun geloof.
Commentaar
Judas 1 is een krachtige brief geschreven door Judas, de broer van Jakobus, aan een groep gelovigen die een moeilijke tijd doormaakten. In deze brief moedigt Judas de gelovigen aan om standvastig te blijven in hun geloof en te strijden tegen valse leraren die hen op een dwaalspoor brachten.
Judas begint door de gelovigen te herinneren aan hun gezamenlijke redding, die te vinden is in Jezus Christus. Vervolgens waarschuwt hij hen voor het gevaar van valse leraren die de kerk zijn binnengeslopen en mensen wegleiden van de waarheid. Hij spoort hen aan om sterk te blijven in hun geloof en te strijden voor het geloof dat eens aan de heiligen is overgeleverd.