Marcus 16:14
“Daarna is Hij geopenbaard aan de elven, daar zij aanzaten, en verweet hun hun ongelovigheid en hardigheid des harten, omdat zij niet geloofd hadden degenen, die Hem gezien hadden, nadat Hij opgestaan was.”
Context: Marcus 16
12En na dezen is Hij geopenbaard in een andere gedaante, aan twee van hen, daar zij wandelden, en in het veld gingen.
13Dezen, ook heengaande, boodschapten het aan de anderen; maar zij geloofden ook die niet.
14Daarna is Hij geopenbaard aan de elven, daar zij aanzaten, en verweet hun hun ongelovigheid en hardigheid des harten, omdat zij niet geloofd hadden degenen, die Hem gezien hadden, nadat Hij opgestaan was.
15En Hij zeide tot hen: Gaat heen in de gehele wereld, predikt het Evangelie aan alle kreaturen.
16Die geloofd zal hebben, en gedoopt zal zijn, zal zalig worden; maar die niet zal geloofd hebben, zal verdoemd worden.
Over Marcus 16: Opstanding en Grote Opdracht

Jezus verschijnt aan Zijn discipelen en draagt hun op om het Goede Nieuws te verspreiden onder alle volken.
Commentaar
Markus 16 is het laatste hoofdstuk van het Evangelie van Markus, en het is een krachtige afsluiting van het verhaal van Jezus' leven en bediening. In dit hoofdstuk zien we de opstanding van Jezus, de vervulling van zijn belofte om uit de dood op te staan. We zien ook de reactie van de discipelen op het nieuws van Jezus' opstanding, en de opdracht aan de discipelen om eropuit te gaan en het goede nieuws van het evangelie te verspreiden.
Het eerste deel van het hoofdstuk richt zich op de opstanding van Jezus. We zien de vrouwen naar het graf komen om Jezus' lichaam te zalven, om vervolgens te ontdekken dat de steen is weggerold en het graf leeg is. Vervolgens worden ze begroet door een jonge man in een wit gewaad die hun vertelt dat Jezus uit de dood is opgestaan. Dit is een krachtig moment, omdat het de vervulling is van Jezus' belofte om uit de dood op te staan.