Ezechiël 27:19

“Ook leverden Dan en Javan, de omreizer, op uw markten; glad ijzer, kassie en kalmus was in uw onderlingen koophandel.”
— Ezechiël 27:19 (The Statenvertaling Bible)

Context: Ezechiël 27

17Juda en het land Israels waren uw kooplieden; met tarwe van Minnit en Pannag, en honig, en olie, en balsem, dreven zij onderlingen handel met u.

18Damaskus dreef koophandel met u, om de veelheid uwer werken, vanwege de veelheid van allerlei goed; met wijn van Chelbon en witte wol.

19Ook leverden Dan en Javan, de omreizer, op uw markten; glad ijzer, kassie en kalmus was in uw onderlingen koophandel.

20Dedan handelde met u met kostelijk gewand tot wagens.

21Arabie en alle vorsten van Kedar waren de kooplieden uwer hand; met lammeren, en rammen, en bokken, daarmede handelden zij met u.

Over Ezechiël 27: Het Lament voor Tyrus

Ezechiël 27: Het Lament voor Tyrus

In hoofdstuk 27 van Ezechiël betreurt de profeet de val van de grote stad Tyrus, een belangrijk handelscentrum van de oude wereld. Hij beschrijft de pracht en commercieel succes van de stad, maar voorspelt vervolgens haar ondergang vanwege trots, arrogantie en afgoderij. Het hoofdstuk dient als zowel een waarschuwing voor andere naties als een herinnering aan Gods oordeel over degenen die zijn geboden negeren en hun eigen zelfzuchtige doelen nastreven.

Commentaar

Default commentary text

Personen in Ezechiël 27