Uittocht 9:23

“Toen strekte Mozes zijn staf naar den hemel; en de HEERE gaf donder en hagel, en het vuur schoot naar de aarde; en de HEERE liet hagel regenen over Egypteland.”
— Uittocht 9:23 (The Statenvertaling Bible)

Context: Uittocht 9

21Doch die zijn hart niet zette tot des HEEREN woord, die liet zijn knechten en zijn vee op het veld.

22Toen zeide de HEERE tot Mozes: Strek uw hand uit naar den hemel, en er zal hagel zijn in het ganse Egypteland; over de mensen, en over het vee, en over al het kruid des velds in Egypteland.

23Toen strekte Mozes zijn staf naar den hemel; en de HEERE gaf donder en hagel, en het vuur schoot naar de aarde; en de HEERE liet hagel regenen over Egypteland.

24En er was hagel, en vuur in het midden des hagels vervangen; hij was zeer zwaar; desgelijks is in het ganse Egypteland nooit geweest, sedert het tot een volk geweest is.

25En de hagel sloeg, in het ganse Egypteland, alles wat op het veld was, van de mensen af tot de beesten toe; ook sloeg de hagel al het kruid des velds, en verbrak al het geboomte des velds.

Over Uittocht 9: De Vijfde, Zesde en Zevende Plagen: Vee, Builen en Hagel

Uittocht 9: De Vijfde, Zesde en Zevende Plagen: Vee, Builen en Hagel

De plagen van het vee, zweren en hagel komen over Egypte, maar toch weigert de farao om de Israëlieten te laten gaan.

Commentaar

Exodus hoofdstuk 9 is een krachtige herinnering aan de macht van God en Zijn vermogen om Zijn volk te beschermen. In dit hoofdstuk stuurt God een reeks plagen naar Egypte om de farao ervan te overtuigen de Israëlieten te laten gaan. De plagen zijn een demonstratie van Gods macht en Zijn bereidheid om Zijn volk te beschermen.

De eerste plaag is een plaag van hagel en vuur. Deze plaag is een teken van Gods kracht en Zijn vermogen om de elementen te beheersen. De hagel en het vuur zijn zo hevig dat ze alle gewassen in Egypte vernietigen. Dit is een teken van Gods kracht en Zijn bereidheid om Zijn volk te beschermen.

Personen in Uittocht 9